nlenfrde

Schoolprestaties versus de sociale dimensie

Hoe erg is het dat leerlingen in een ander stadsdeel naar school gaan?

In Amsterdam Nieuw-West fietsen elke schooldag veel witte kinderen naar een school buiten hun stadsdeel. Een probleem, aldus raadslid Tanja Kronenberg, die er een motie over schreef. Deze motie was voor de Denktank sociale cohesie Amsterdam Nieuw-West aanleiding om op 25 oktober in het Comenius Lyceum een netwerkbijeenkomst te organiseren. Onder leiding van Frank Kalshoven analyseren de aanwezigen het probleem, waarna ze zoeken naar mogelijke oplossingen. Ondanks de grote meningsverschillen slagen ze daar goed in.

Een levendige discussie, daar zorgen de aanwezige portefeuillehouder, raadsleden, directeuren van basisscholen, rectoren en vertegenwoordigers van instituten, instellingen en ouderraden uit Amsterdam Nieuw-West deze dinsdagavond voor. Dat begint al met de vraag voor wie dit erg is. 
Niet voor de leerlingen zelf, vindt Liesbeth van Welie, ex-rector en momenteel bij de Universiteit van Amsterdam bezig met een promotie-onderzoek naar de prestaties van allochtone kinderen in Amsterdam Nieuw-West. "Nergens krijgen ze zoveel kansen om een havo- of vwo-diploma te halen als hier."

Geïsoleerde werelden
Maar Berend Meijer ziet het minder rooskleurig in. Hij is directeur van het Comenius Lyceum, die voor 90% zwart is. Meijer benadrukt de sociale dimensie van zwarte scholen. "De leerlingen leven in een geïsoleerde, zwarte wereld. Zo weten de kinderen niet wat er in de wereld te koop is. Dat geeft schade op de lange termijn." Hij krijgt bijval van Mohamed Baba, schoolbestuurder van ROC en lid van de Denktank. "De kinderen komen echt wel de scholen door. Maar wat gebeurt er buiten de veilige haven van de school? Hebben ze een netwerk? Kennen ze mensen buiten hun groep? Ze leven in gesloten circuits. Daar maak ik me druk over."

Studenten in Nieuw-West
Maar Liesbeth van Welie blijft het positief inzien. Zij verwijst naar de vele studenten die hier op kamers komen wonen. Natuurlijk omdat het hier goedkoop is. Maar vooral omdat het hier zo leuk is. Hier moet je zijn, vinden ze.
Deze studenten kunnen een stuwende werking hebben op de wijk en haar bewoners, beseft stadsdeelwethouder Mauer. Daarom heeft hij al gesprekken met universiteiten en hogescholen om hier een vestiging te openen. Als die er komt, wordt meteen de status van de wijk verhoogd.

Ouders en scholen ondersteunen
Als de status hoger is, gaan leerlingen eerder in hun wijk naar school. Maar er kan meer gedaan worden om de kinderen hier te houden. Een van de oplossingen komt van Wim Ponsen, lid van de Denktank en directeur van basisschool Ru Paré: "Pak die sociaaleconomische kant erbij, gekoppeld aan substantiële onderwijsverlenging." Hierbij gaat het niet om onderwijs in de klassieke zin, maar om het leren van sociale vaardigheden en dergelijke. "Onderwijs moet mogelijk zijn van 8 tot 8, zes dagen per week." Ook de andere deelnemers hadden oplossingen. Zet ouders aan om hun kind naar school te sturen en hem zijn huiswerk te laten doen. Steun ouders die niet langer hun kinderen naar een school buiten hun stadsdeel willen brengen. Zorg ervoor dat scholen deze ouders aan zich kunnen binden. Bevoordeel scholen die veel aandacht nodig hebben, en geef ze extra geld. Of doe als de gemeente Nijmegen, waar ouders hun schoolvoorkeur mogen opgeven en waar de gemeente vervolgens selecteert.

Informatiemarkt
Ook Tanja Kronenberg heeft een goede suggestie: doe wat aan de informatievoorziening. Veel ouders weten niets over andere scholen in hun stadsdeel, en kiezen dan de school waar ze over hebben gehoord. Daarom stelt Tanja voor om een scholenmarkt te organiseren, waar scholen samen informatie geven. 
Een goed idee, zegt stadsdeelwethouder Mauer na afloop van de beenkomst. Dit gaat hij verder uitzoeken. Hoewel de netwerkbijeenkomst was bedoeld om het probleem te analyseren, lijkt het al meteen resultaat op te leveren.

Een uitgebreid verslag kunt u hier lezen.

 
  
volg ons op facebook